Verslaving en trauma PTSS verband en behandeling
Verslaving en trauma (PTSS) - verband en behandeling
De relatie tussen trauma en verslaving is een van de meest complexe en hardnekkige realiteiten in de geestelijke gezondheidszorg. Mensen met een posttraumatische stressstoornis (PTSS) lopen een aanzienlijk groter risico om een verslaving te ontwikkelen aan middelen zoals alcohol, drugs of medicatie. Dit is geen toeval of moreel falen, maar vaak een wanhopige poging tot zelfmedicatie. De verdovende, verdrijvende of emotie-regulerende effecten van een middel kunnen tijdelijk de ondraaglijke herinneringen, hyperalertheid en emotionele pijn van het trauma dempen.
Deze ogenschijnlijke oplossing wordt echter snel een tweede, verstrengelde gevangenis. De verslaving verergert op den duur de PTSS-symptomen, verstoort het sociale leven en belemmert elke vorm van natuurlijk herstel. Er ontstaat een vicieuze cyclus: het trauma voedt de behoefte aan het middel, en de negatieve gevolgen van de verslaving creëren op hun beurt weer nieuwe traumatische ervaringen. Deze dubbele diagnose stelt zowel de cliënt als de hulpverlener voor enorme uitdagingen.
Effectieve behandeling vereist daarom een geïntegreerde aanpak die beide aandoeningen gelijktijdig en als onderling verbonden problemen aanpakt. Het traditionele model van eerst de verslaving 'oplossen' voordat aan het trauma gewerkt kan worden, faalt vaak omdat de onderliggende PTSS onbehandeld blijft en de terugvalkans enorm is. Moderne behandelprotocollen erkennen de symbiose tussen beide en zijn erop gericht veiligheid, stabilisatie en gezonde copingmechanismen te ontwikkelen, terwijl stap voor stap aan de verwerking van het trauma wordt gewerkt.
Hoe een onverwerkt trauma leidt tot zelfmedicatie met middelen
Een onverwerkt trauma, zoals PTSS, creëert een constante staat van psychologische en fysiologische nood. Het zenuwstelsel blijft gevangen in een cyclus van hyperarousal (overprikkeling), herbelevingen, vermijding en emotionele verdoving. Deze toestand is uitputtend en ondraaglijk, waardoor de persoon op zoek gaat naar directe verlichting. Zelfmedicatie met middelen ontstaat hier vaak als een wanhopige, doch logische, poging om dit interne alarm systeem te reguleren wanneer andere copingmechanismen ontbreken of falen.
De keuze voor een specifiek middel is vaak geen toeval maar volgt de symptomen van het trauma. Stimulerende middelen zoals cocaïne of amfetaminen kunnen worden misbruikt om de gevoelens van emotionele verdoving en dissociatie te doorbreken. Kalmerende middelen zoals alcohol, cannabis of benzodiazepines worden daarentegen vaak gebruikt om de intense angst, hyperwaakzaamheid en opflakkeringen van woede te dempen. Opiaten bieden een krachtige verlichting voor zowel de psychische pijn als de chronische lichamelijke spanning die vaak met trauma gepaard gaat.
Op de korte termijn lijkt deze strategie te werken: de middelen onderdrukken de amygdala (het angstcentrum van de hersenen) en verhogen tijdelijk de aanmaak van feel-good stoffen zoals dopamine. Dit versterkt het gedrag via het beloningscircuit. De kern van het probleem wordt echter niet aangepakt. Integendeel, de middelen verstoren de natuurlijke verwerking van herinneringen en emoties, waardoor het trauma verder wordt "ingevroren".
Een vicieuze cirkel ontstaat. De middelen veroorzaken op den duur tolerantie en ontwenningsverschijnselen, die zelf lijken op traumasymptomen (slaapstoornissen, prikkelbaarheid, angst). De gebruiker moet dan middelen nemen om niet alleen het oorspronkelijke trauma, maar ook het ongemak van het gebruik te dempen. Hierdoor raakt het oorspronkelijke trauma steeds verder verweven met de verslavingsproblematiek, een aandoening die bekend staat als een dubbele diagnose (comorbiditeit).
Deze cyclus van zelfmedicatie ondermijnt uiteindelijk het herstel. Het belemmert de toegang tot de onderliggende emoties die verwerkt moeten worden, verergert vaak depressie en angst op de lange termijn, en leidt tot sociaal isolement. Behandeling moet daarom gelijktijdig gericht zijn op beide aandoeningen: het stabiliseren van de verslaving en het veilig verwerken van het onderliggende trauma met gespecialiseerde therapieën zoals EMDR of traumagerichte cognitieve gedragstherapie.
Traumagerichte therapieën bij een verslaving: EMDR en exposure
Voor mensen met een verslaving en een onderliggend trauma, richt traumagerichte behandeling zich op de emotionele wond zelf, in plaats van alleen op het verslavingsgedrag. Twee bewezen effectieve methoden hiervoor zijn EMDR en exposuretherapie. Beide hebben als doel de lading van het trauma te verminderen, waardoor de drang om middelen te gebruiken als copingmechanisme afneemt.
EMDR (Eye Movement Desensitization and Reprocessing) is een geprotocolleerde therapie waarbij de cliënt het traumatische herinnering ophaalt, terwijl tegelijkertijd afleidende bilaterale stimulatie (meestal oogbewegingen) wordt aangeboden. Dit proces lijkt het natuurlijk verwerkingssysteem van de hersenen te activeren. De herinnering verliest haar levendigheid en emotionele lading. Bij verslaving kan EMDR niet alleen op specifieke trauma's worden toegepast, maar ook op de sterke 'cravings' (zin in het middel) zelf, waardoor deze minder overweldigend worden.
Exposuretherapie, met name Prolonged Exposure (PE), werkt volgens een ander principe: gewenning. De cliënt benadert in een veilige therapeutische setting stap voor stap de herinneringen, gevoelens en situaties die met het trauma verbonden zijn en die hij of zij uit angst vermijdt. Door deze blootstelling zonder de gevreesde catastrofale gevolgen, leert het brein dat de herinnering op zich niet gevaarlijk is. Dit vermindert de algehele angst en spanning, wat een cruciale oorzaak van middelengebruik kan wegnemen.
De keuze tussen EMDR en exposure hangt af van de cliënt en de aard van het trauma. EMDR kan minder belastend zijn omdat er minder gedetailleerde verbale beschrijving nodig is. Exposure vraagt om een actieve confrontatie met de angst. Beide therapieën worden vaak geïntegreerd in een breder behandelplan voor verslaving, waarbij stabilisatie en copingvaardigheden voorop staan voordat het trauma wordt aangepakt. Het succesvol verwerken van het trauma verkleint het risico op terugval aanzienlijk, omdat de onderliggende reden voor zelfmedicatie wordt weggenomen.
Veelgestelde vragen:
Ik heb al jaren last van PTSS en ben daardoor verslaafd geraakt aan alcohol. Mijn behandelaar zegt dat deze twee zaken vaak samengaan. Waarom is dat eigenlijk zo?
Dat is een hele begrijpelijke vraag. De samenhang tussen PTSS en een verslaving wordt vaak verklaard door het 'zelfmedicatie'-model. Mensen met PTSS ervaren vaak intense en overweldigende emoties zoals angst, woede, schaamte of een gevoel van leegte. Alcohol of drugs kunnen op korte termijn verlichting lijken te bieden: ze dempen de emotionele pijn, helpen om nare herinneringen te verdringen of maken de hyperalertheid (het constant 'op scherp staan') wat draaglijker. Het middel wordt zo een manier om met de ondraaglijke klachten van het trauma om te gaan. Helaas is dit maar een tijdelijke oplossing. Op de lange termijn verergert de verslaving vaak de PTSS-klachten, zoals depressie en isolatie, en belemmert het de verwerking van het trauma. Het is dus een begrijpelijke, maar uiteindelijk schadelijke, overlevingsstrategie.
Welke behandeling wordt aangeraden als je zowel PTSS als een verslaving hebt? Worden die apart of samen aangepakt?
Vroeger werd vaak gedacht dat de verslaving eerst helemaal onder controle moest zijn voordat aan de PTSS gewerkt kon worden. Tegenwoordig is het uitgangspunt steeds vaker een geïntegreerde behandeling, waarbij beide problemen gelijktijdig en door hetzelfde team worden behandeld. De reden is dat het aanpakken van alleen de verslaving vaak niet werkt zolang de onderliggende trauma-klachten blijven bestaan. Zodra iemand nuchter is, komen de PTSS-symptomen vaak heviger terug, wat een grote kans op terugval geeft. Een bewezen effectieve geïntegreerde methode is bijvoorbeeld 'Seeking Safety'. Deze therapie richt zich eerst op stabilisatie: het leren van veilige manieren om met trauma-gerelateerde emoties om te gaan, zonder naar middelengebruik te grijpen. Pas later in het traject komt dan de traumaverwerking zelf, met methodes zoals EMDR of traumagerichte cognitieve gedragstherapie, meer centraal te staan. De behandeling vraagt om maatwerk en een therapeut die gespecialiseerd is in deze dubbele problematiek.
Mijn partner gebruikt drugs om nachtmerries en slapeloosheid door zijn trauma te onderdrukken. Hij ziet het niet als een probleem. Hoe kan ik hem helpen?
Dat is een zware en zorgelijke situatie. Uw partner gebruikt het middel functioneel: als medicijn tegen specifieke, heftige PTSS-symptomen. Daardoor ontkent hij wellicht de verslavingsproblematiek. Uw zorg is begrijpelijk. Benadruk vanuit uw bezorgdheid over zijn welzijn, niet vanuit verwijt. U zou kunnen zeggen: "Ik zie hoe moeilijk het voor je is om te slapen en hoe erg je lijdt onder die nachtmerries. Ik maak me zorgen dat het gebruik op den duur meer kapotmaakt dan oplost, ook voor je gezondheid. Zou je samen met mij willen praten met een arts of hulpverlener over andere, gezondere manieren om met die nachtmerries om te gaan?" Richt de aandacht op het verlichten van zijn lijden, niet op het 'fout' zijn van zijn gedrag. Informatie inwinnen bij een instelling voor verslavingszorg of een psychotraumacentrum over hoe je dit gesprek het beste kunt voeren, kan een goede eerste stap zijn. Zij kunnen u ook adviseren over ondersteuning voor uzelf, want het leven met een partner met deze problemen is zwaar.
Vergelijkbare artikelen
- Welke behandelingen zijn er voor trauma
- Welke vormen van traumabehandeling zijn er
- Welke behandelingen zijn er voor seksueel trauma
- Wat is de behandeling voor preverbaal trauma
- Wat is het verband tussen trauma en geweld
- Wat is de stabilisatiefase van traumabehandeling
- Welke alternatieve behandelingen zijn er voor trauma
- Verslaving en trauma mindfulness om cravings te doorstaan
Recente artikelen
- Moeite met intimiteit en het Verlating-schema
- Vrijwilligerswerk doen vanuit je Gezonde Volwassene
- Overmatige zorgzaamheid en het Zelfopoffering-schema
- Werken met het volwassen heden bij herbelevingen
- Hoe reageren op respectloos gedrag
- Kunnen neurodivergente mensen verpleegkundigen zijn
- Wat is een ongezonde vriendschap
- Wat houdt traumagerichte zorg voor zorgprofessionals in

