Wat is CGT bij kinderen
Wat is CGT bij kinderen?
Als ouder maakt u zich wellicht zorgen wanneer uw kind langdurig gebukt gaat onder angsten, somberheid of andere emotionele problemen die het dagelijks functioneren belemmeren. In zo'n situatie kan de term Cognitieve Gedragstherapie (CGT) vallen als een mogelijke vorm van hulp. CGT is een praktische en bewezen effectieve psychologische behandeling, die ook voor kinderen en jongeren zeer geschikt is.
De kern van CGT bij kinderen ligt in het verband tussen gedachten, gevoelens en gedrag. De therapie leert kinderen dat hoe zij over een situatie denken (bijvoorbeeld "iedereen vindt mij stom"), invloed heeft op hoe zij zich voelen (verdrietig of bang) en wat zij vervolgens doen (bijvoorbeeld niet meer naar een feestje gaan). Door dit patroon te herkennen, kunnen kinderen leren er invloed op uit te oefenen.
Anders dan bij volwassenen wordt CGT bij kinderen op een ontwikkelingsgerichte en speelse manier aangeboden. De therapeut maakt gebruik van rollenspellen, tekeningen, werkbladen en oefeningen die aansluiten bij de leeftijd en belevingswereld van het kind. Het doel is niet alleen om problemen te verminderen, maar vooral om het kind concrete vaardigheden aan te leren, zoals het uitdagen van negatieve gedachten of het stap voor stap aangaan van angstige situaties.
De therapie is vaak een actieve samenwerking tussen het kind, de ouders en de therapeut. Ouders worden betrokken om te begrijpen wat hun kind leert en hoe zij thuis kunnen ondersteunen. Op deze manier richt CGT zich niet alleen op het verminderen van klachten, maar ook op het vergroten van de veerkracht en het emotionele gereedschap van het kind voor de toekomst.
Hoe ziet een CGT-sessie eruit voor een kind met angst?
Een CGT-sessie voor een kind met angst is gestructureerd, maar voelt vaak aan als spelend leren. De therapeut werkt samen met het kind (en vaak ook even met de ouders) in een veilige, voorspelbare omgeving. Het doel is niet om direct over het diepste angstige gevoel te praten, maar om stap voor stap vaardigheden op te bouwen.
Een sessie begint meestal met een korte check-in: hoe voelt het kind zich vandaag? Daarna wordt het plan voor de sessie besproken, vaak met behulp van een visueel schema. De therapeut legt uit wat ze gaan doen en waarom, zodat het kind controle en duidelijkheid ervaart.
De kern van de sessie bestaat uit psycho-educatie en oefeningen. De therapeut gebruikt hiervoor kindvriendelijke materialen. Angst wordt bijvoorbeeld uitgelegd als een "vals alarm" in het lichaam of getekend als een "angstmeter". Het kind leert zijn of haar eigen gedachten, gevoelens en lichamelijke reacties herkennen via verhalen, poppenspel of werkbladen.
Vervolgens oefent het kind met nieuwe vaardigheden. Dit kan zijn: helpende gedachten bedenken ("Ik kan het proberen"), ontspanningsoefeningen zoals "schildpadademhaling" of speelse exposure. Bij exposure wordt de angst stapje voor stapje uitgedaagd, bijvoorbeeld door eerst een tekening van een spin te bekijken, daarna een pluchen spin aan te raken.
Elke sessie eindigt met een samenvatting en een concrete, haalbare opdracht voor thuis, een zogenaamde "huiswerkopdracht". Dit kan zijn: drie keer de ademhalingsoefening doen of een kleine dappere stap zetten. Ouders krijgen uitleg over hoe zij thuis kunnen ondersteunen zonder de angst onbedoeld te voeden.
Positieve bekrachtiging is continu aanwezig. Elke inspanning wordt gevierd met complimenten, een sticker op een beloningskaart of een klein spel. De sfeer is er een van samenwerking, waarbij het kind steeds meer regie krijgt over zijn of haar eigen "angstheld" training.
Welke concrete oefeningen gebruik je bij boosheid of driftbuien?
Bij boosheid of een driftbui is het doel om het kind te helpen zijn emoties te herkennen, te begrijpen en op een andere manier te reageren. Deze oefeningen trainen vaardigheden stap voor stap.
De Boosheidsmeter maken: Teken samen met het kind een thermometer. Onderaan staat ‘kalm’, bovenaan ‘ontploft’. Laat het kind bij elke schaalverdeling bedenken hoe zijn lichaam aanvoelt (bijv. ‘warme wangen’, ‘vuisten ballen’) en wat hij denkt. Dit helpt om vroegtijdig signalen te herkennen.
Ademhalingsoefeningen ‘als een dier’: Maak ademhalen tastbaar. Laat het kind ‘als een sissende slang’ ademen: diep in door de neus en langzaam sissend uit door de mond. Of ‘als een blaffende hond’: kort inademen en kort uitblaffen. Dit kalmeert het zenuwstelsel direct.
Gedragsexperimenten uitvoeren: Test samen de gedachte ‘Als ik boos word, moet ik slaan’. Bedenk een andere, kleine reactie om eerst te proberen, zoals op de plaats stampen of in een kussen knijpen. Evalueer later: wat gebeurde er? Werkt het? Dit doorbreekt automatische patronen.
De ‘Stop-Denk-Doe’ methode oefenen: Gebruik een fysiek stopteken (hand opsteken) bij eerste tekenen van boosheid. Vraag dan: “Wat is het probleem?” (Stop), “Wat kan ik doen?” (Denk), en kies dan de beste actie (Doe). Oefen dit eerst via rollenspel met een eerdere, kleine ergernis.
Helpende gedachten verzinnen: Identificeer de niet-helpende gedachte die bij de boosheid hoort, zoals ‘Dat is niet eerlijk!’. Bedenk samen een helpende, realistischere gedachte: ‘Ik vind het niet leuk, maar ik kan het aan’ of ‘Ik kan eerst rustig worden en dan praten’. Oefen deze hardop te zeggen.
Een time-in creëren: Leer het kind om bij oplopende spanning zelf een korte pauze te nemen in een vooraf afgesproken, rustige hoek. Dit is geen straf, maar een strategie. Laat het kind daar bijvoorbeeld een stressbal kneden of vijf keer diep ademhalen voordat het terugkomt.
Consistent oefenen in kalme momenten is cruciaal. Geef specifieke complimenten: “Goed dat je je boosheidsmeter gebruikte en even ging zitten!”. Dit versterkt het nieuwe gedrag.
Veelgestelde vragen:
Mijn kind is erg angstig voor de spreekbeurt. Kan CGT hierbij helpen en hoe ziet dat er dan uit?
CGT kan zeer goed helpen bij spreekbeurtangst. De therapeut werkt met uw kind aan twee kanten: de gedachten en het gedrag. Eerst onderzoekt men samen welke gedachten de angst oproepen, zoals "Ik zal vast iets doms zeggen" of "Iedereen zal me uitlachen". Deze gedachten worden op een speelse, voor kinderen toegankelijke manier uitgedaagd en omgebouwd naar helpender gedachten, zoals "Ik heb het goed voorbereid" of "Niet iedereen hoeft het perfect te vinden". Vervolgens oefent men het gedrag stap voor stap. Dit begint klein, bijvoorbeeld een boekverslag alleen voor de therapeut doen. Daarna volgt oefenen voor één vertrouwd persoon, en later voor een klein groepje. De therapeut leert uw kind ook ontspanningsoefeningen, zoals een ademhalingstechniek om de zenuwen te kalmeren. Het doel is niet dat het kind nooit meer zenuwachtig is, maar dat het de situatie wel aandurft en ervaart dat het vaak beter gaat dan verwacht.
Hoe lang duurt een CGT-behandeling voor een kind gemiddeld?
Een behandeling met CGT voor kinderen is vaak kortdurend en gericht op het aanleren van vaardigheden. Gemiddeld beslaat een traject tussen de 5 en 20 sessies. De exacte duur hangt sterk af van de problematiek. Voor een specifieke angst kunnen soms al 5 tot 10 sessies voldoende zijn. Voor complexere of meervoudige problemen, zoals een combinatie van angst en boosheid, kan het langer duren. De frequentie is meestal wekelijks. Een belangrijk kenmerk van CGT is dat kinderen tussen de sessies door oefeningen doen, de zogenaamde 'huiswerkopdrachten'. Het succes van de therapie hangt voor een deel af van het regelmatig oefenen van deze nieuwe vaardigheden in het dagelijks leven. De therapeut evalueert regelmatig met u en uw kind of er voldoende vooruitgang is en stelt het plan bij waar nodig.
Worden ouders ook betrokken bij CGT voor hun kind?
Ja, de betrokkenheid van ouders is een belangrijk onderdeel van CGT voor kinderen, vooral bij jongere kinderen. Ouders worden gezien als samenwerkingspartners. Meestal zijn er aparte gesprekken of delen van sessies met ouders. Hierin krijgt u uitleg over de aanpak en leert u hoe u uw kind thuis kunt ondersteunen. Bijvoorbeeld hoe u helpende reacties kunt geven als uw kind angstig is, of hoe u beloningssystemen kunt inzetten voor gewenst gedrag. De therapeut kan ook met u kijken naar eventuele patronen in het gezin die het probleem in stand houden. Het doel is om u handvatten te geven zodat u na afloop van de therapie uw kind verder kunt helpen de geleerde vaardigheden vol te houden. Bij adolescenten is de rol van ouders soms kleiner en ligt de nadruk meer op de vertrouwensrelatie tussen de therapeut en de jongere.
Mijn zoon heeft veel boze buien. Is CGT geschikt voor boosheid, of alleen voor angsten?
CGT is zeker niet alleen voor angsten. Het is een bewezen methode voor verschillende problemen, waaronder boosheid en agressie bij kinderen. Bij boosheid richt de therapie zich op het herkennen van de eerste signalen van woede in het lichaam (zoals een snelle hartslag of gespannen vuisten). Het kind leert dat boosheid een signaal is, en dat er een keuze is in de reactie. Vervolgens oefent men alternatieve, constructieve manieren om met frustratie om te gaan, zoals even weglopen, diep ademhalen of op een kalme manier zeggen wat er dwarszit. Daarnaast wordt gewerkt aan de gedachten die de boosheid aanwakkeren, zoals "Hij doet dat expres om mij te pesten". Door deze gedachten te onderzoeken en bij te stellen, kan de emotionele reactie minder heftig worden. Ouders krijgen advies over hoe ze kunnen reageren op een boze bui en hoe ze positief gedrag kunnen stimuleren.
Vergelijkbare artikelen
- Kun je EMDR gebruiken bij kinderen
- Hoe kun je de woede van kinderen beheersen
- Hoe belangrijk is slaap voor kinderen
- Hoe kunnen we neurodivergente kinderen ondersteunen
- Wat veroorzaakt een slechte houding bij kinderen
- Wat is een dysthyme stoornis bij kinderen
- Hoe herken je odd bij kinderen
- Hoe kunnen ouders hun LHBT-kinderen ondersteunen
Recente artikelen
- Moeite met intimiteit en het Verlating-schema
- Vrijwilligerswerk doen vanuit je Gezonde Volwassene
- Overmatige zorgzaamheid en het Zelfopoffering-schema
- Werken met het volwassen heden bij herbelevingen
- Hoe reageren op respectloos gedrag
- Kunnen neurodivergente mensen verpleegkundigen zijn
- Wat is een ongezonde vriendschap
- Wat houdt traumagerichte zorg voor zorgprofessionals in

