Wat is de kritiek op EMDR-therapie
Wat is de kritiek op EMDR-therapie?
Eye Movement Desensitization and Reprocessing (EMDR) heeft zich in de afgelopen decennia ontwikkeld tot een van de meest gebruikte en erkende behandelingen voor posttraumatische stressstoornis (PTSS). De therapie, waarbij de patiënt een traumatische herinnering ophaalt terwijl hij tegelijkertijd een afleidende stimulus volgt (meestal de hand van de therapeut of een lichtbalk), is opgenomen in vrijwel alle nationale richtlijnen. Deze brede acceptatie mag echter niet de indruk wekken dat EMDR onomstreden is.
Vanaf haar introductie door Francine Shapiro is EMDR omgeven geweest door wetenschappelijke en klinische discussie. De kern van de kritiek richt zich niet zozeer op de effectiviteit an sich – studies tonen over het algemeen dat het werkt – maar veeleer op de verklaring voor die effectiviteit. De heersende opvatting onder veel onderzoekers is dat de werkzame factor niet de oogbewegingen of andere bilaterale stimulatie zijn, maar de blootstelling aan de traumatische herinnering zelf. Dit plaatst de unieke procedurele elementen van EMDR in een kritisch daglicht.
Bovendien bestaat er aanhoudende zorg over de theoretische onderbouwing van het model. Het zogenaamde Adaptive Information Processing-model, dat stelt dat trauma's 'vastgezet' raken in het zenuwstelsel en via bilaterale stimulatie kunnen worden 'verwerkt', wordt door critici als neurobiologisch speculatief en niet falsifieerbaar beschouwd. Deze kritiek raakt aan de fundamentele vraag wat er precies tijdens een EMDR-sessie gebeurt en of de populaire verklaringen wel standhouden onder wetenschappelijke scrutiny.
Bewijs voor langdurige werking en terugval bij complexe trauma's
Een fundamenteel kritiekpunt op EMDR bij complexe trauma's, zoals vroegkinderlijk chronisch misbruik of verwaarlozing, richt zich op de robuustheid van de behandelingseffecten op de lange termijn. De vraag is of de vermindering van symptomen blijvend is of dat er een significant risico op terugval bestaat.
Het bewijs voor de effectiviteit van EMDR is het sterkst voor enkelvoudige, volwassen trauma's (Type I). Hier tonen studies over het algemeen stabiele resultaten na behandeling. Bij complexe posttraumatische stressstoornis (cPTSS) is het beeld minder eenduidig. Deze aandoening omvat vaak diepgewortelde problemen in emotieregulatie, zelfbeeld en interpersoonlijk functioneren, die niet uitsluitend aan specifieke herinneringen zijn gebonden.
Kritische onderzoekers wijzen erop dat EMDR-protocollen vaak gericht zijn op het verwerken van individuele herinneringsnetwerken. Bij complexe trauma's kan dit leiden tot een partiële verwerking: symptomen zoals flashbacks van een specifieke gebeurtenis nemen af, maar onderliggende patronen van schaamte, dissociatie of emotionele ontregeling blijven bestaan. Deze kunnen later opnieuw de kop opsteken of zich manifesteren in andere klachten, wat als terugval kan worden ervaren.
Langetermijnstudies (>2 jaar) specifiek bij complexe trauma-populaties zijn schaars. Sommige klinische rapporten suggereren dat patiënten na een aanvankelijk succesvolle EMDR-behandeling later opnieuw therapie nodig hebben voor nieuw opkomende herinneringen of emotionele toestanden. Dit ondersteunt de theorie dat trauma bij deze groep gefragmenteerd en gelaagd is, en niet altijd via een reeks discrete herinneringen is aan te pakken.
Een belangrijk aandachtspunt is de voorbereidingsfase bij complexe trauma's, die vaak langdurig is en gericht op stabilisatie. Wanneer EMDR te snel wordt ingezet, zonder voldoende resources, kan dit leiden tot overstimulatie en uitval, wat het risico op latere terugval vergroot. Het gebrek aan consensus over het optimale behandelprotocol voor cPTSS draagt bij aan wisselende langetermijnresultaten.
Concluderend is het bewijs voor de langdurige werking van EMDR bij complexe trauma's minder solide dan bij enkelvoudige trauma's. Het risico op terugval of het onvolledig verdwijnen van de kernpathologie lijkt reëel, vooral wanneer EMDR wordt toegepast als een op zichzelf staande behandeling zonder integratie in een breder, fasegericht behandelplan dat gericht is op persoonlijkheidsherstel.
Risico's van onvoldoende opgeleide therapeuten en protocolafwijkingen
De effectiviteit en veiligheid van EMDR zijn sterk gebonden aan een correcte uitvoering volgens het vastgestelde protocol. Wanneer therapeuten onvoldoende zijn opgeleid of het protocol niet nauwgezet volgen, kunnen aanzienlijke risico's ontstaan voor de cliënt.
Een onvoldoende opgeleide therapeut kan de voorbereidende fase, waarin stabilisatie en het opstellen van een behandelplan centraal staan, onderschatten. Hierdoor kan een cliënt worden blootgesteld aan traumatische herinneringen zonder voldoende copingvaardigheden, wat kan leiden tot emotionele overbelasting, retraumatisering of een verergering van symptomen zoals angst en slapeloosheid.
Protocolafwijkingen vormen een ander kritiek punt. Het weglaten van essentiële stappen, zoals het niet grondig installeren van een 'veilige plek' of het niet correct uitvoeren van de desensitisatie- en installatiefases, ondermijnt de behandeling. Het kan resulteren in onvolledige verwerking, waar de emotionele lading van de herinnering vermindert maar de negatieve cognitie niet wordt aangepast. De cliënt houdt dan bijvoorbeeld het gevoel "Ik ben machteloos" ondanks de behandeling.
Bovendien kan een therapeut die het protocol niet beheerst, cruciale signalen van dissociatie of overmatige distress bij de cliënt missen of verkeerd interpreteren. Dit kan ertoe leiden dat de bilaterale stimulatie niet op het juiste moment wordt gepauzeerd of aangepast, waardoor het therapeutisch proces stagneert of schadelijk wordt.
Ten slotte brengt een gebrek aan expertise het risico met zich mee dat EMDR onterecht wordt toegepast bij contra-indicaties, zoals bij bepaalde dissociatieve stoornissen of ernstige instabiliteit, waar eerst een fase van stabilisatie nodig is. Deze risico's onderstrepen het belang van geaccrediteerde opleiding, continue supervisie en protocoltrouw voor de veiligheid van de cliënt en de integriteit van de therapie.
Veelgestelde vragen:
Is EMDR echt wetenschappelijk bewezen, of is het meer een hype?
Die vraag wordt vaak gesteld. De wetenschappelijke basis voor EMDR is over het algemeen stevig, vooral voor PTSS. Gerenommeerde richtlijnen, zoals die van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), erkennen EMDR als een aanbevolen behandeling voor posttraumatische stressstoornis. Veel onderzoek laat zien dat het werkt. De kritiek richt zich niet zozeer op de effectiviteit an sich, maar meer op het waaróm het werkt. Sommige wetenschappers vragen zich af of de oogbewegingen zelf nu echt het cruciale onderdeel zijn. Er zijn studies die vergelijkbare resultaten laten zien met andere afleidende taken (zoals tikjes op de hand) of zelfs zonder die afleiding. Dit suggereert dat de werkzame factor mogelijk de herhaalde blootstelling aan de herinnering is, en niet specifiek de bilaterale stimulatie. Dus: het is geen hype, het helpt veel mensen, maar het precieze mechanisme in de hersenen is nog onderwerp van discussie.
Ik heb gehoord dat EMDR soms te snel gaat en oppervlakkig kan zijn. Klopt dat?
Dat is een punt van zorg bij sommige therapeuten. De behandeling kan in relatief weinig sessies resultaat boeken, wat positief is. De kritiek luidt dat dit tempo mogelijk ten koste gaat van diepgang. Bij complexe trauma's, bijvoorbeeld door langdurig misbruik in de jeugd, zijn klachten vaak diepgeworteld en verweven met iemands zelfbeeld. Sommige deskundigen vinden dat EMDR dan te geïsoleerd wordt ingezet, op één herinnering, zonder voldoende aandacht voor de bredere context en emotionele verwerking. Het risico zou kunnen zijn dat de scherpe rand van een specifieke herinnering afgaat, maar onderliggende patronen van wantrouwen of schaamte onvoldoende worden aangepakt. Een goede EMDR-therapeut zal dit herkennen en de behandeling altijd inbedden in een breder therapieplan, met voldoende voorbereiding en nazorg. De methode zelf is niet oppervlakkig, maar de toepassing ervan kan dat soms wel zijn als de problematiek complex is.
Zijn er risico's of negatieve bijwerkingen aan EMDR?
Ja, die zijn er. Het is geen onschuldige procedure. Tijdens de sessies kunnen heftige emoties en lichamelijke sensaties naar boven komen. Na een sessie voelen mensen zich soms uitgeput, emotioneel van streek of kunnen ze levendige dromen hebben. Het grootste risico volgens critici is dat het verwerkingsproces niet goed wordt afgemaakt. Als de therapie te abrupt stopt, kunnen herinneringen fragmentarisch en verwarrend achterblijven, wat het gevoel van controle tijdelijk kan verminderen. In zeldzame gevallen kan dit leiden tot een verergering van de klachten. Daarom is het van groot belang dat een therapeut hierin is opgeleid, zorgvuldig een 'veilige plek' aanlegt met de patiënt en niet meer materiaal opent dan wat in de beschikbare tijd goed kan worden afgerond. Het is geen snelle techniek die je even toepast; het vraagt om vakmanschap en zorgvuldige begeleiding.
Vergelijkbare artikelen
- Wat is neurofeedbacktherapie en hoe werkt het
- Wat houdt terugvalpreventie in bij therapie
- Welke vormen van creatieve therapie zijn er
- Wat is een systeem in gezinstherapie
- Welke therapie bij rouw
- Wat als schematherapie niet helpt
- Welke therapievorm maakt gebruik van oogbewegingen
- Wat zijn de nadelen van groepstherapie
Recente artikelen
- Moeite met intimiteit en het Verlating-schema
- Vrijwilligerswerk doen vanuit je Gezonde Volwassene
- Overmatige zorgzaamheid en het Zelfopoffering-schema
- Werken met het volwassen heden bij herbelevingen
- Hoe reageren op respectloos gedrag
- Kunnen neurodivergente mensen verpleegkundigen zijn
- Wat is een ongezonde vriendschap
- Wat houdt traumagerichte zorg voor zorgprofessionals in

