Welke soorten EMDR zijn er
Welke soorten EMDR zijn er?
Eye Movement Desensitization and Reprocessing (EMDR) is een van de meest effectief gebleken psychotherapiemethoden voor de behandeling van trauma en andere beangstigende ervaringen. Hoewel het grote publiek EMDR vaak associeert met de kenmerkende horizontale oogbewegingen, heeft de methode zich sinds haar ontstaan sterk ontwikkeld. De kern van EMDR blijft het stimuleren van het natuurlijk verwerkingssysteem van de hersenen, maar de manieren waarop die stimulatie wordt aangeboden, zijn gediversifieerd.
Deze diversificatie is niet willekeurig, maar volgt uit wetenschappelijk onderzoek en klinische praktijk. Therapeuten passen de soort stimulus vaak aan op basis van de voorkeur, de mogelijkheden of de specifieke klachten van de cliënt. Dit heeft geleid tot een rijk palet aan stimulustypen binnen het gestandaardiseerde EMDR-protocol. De keuze voor een bepaalde stimulus kan de toegankelijkheid en het comfort van de therapie aanzienlijk vergroten.
Naast deze variatie in zintuiglijke stimulatie, zijn er ook verschillende protocolvarianten ontwikkeld voor specifieke problematieken. Waar het standaardprotocol is gericht op geïsoleerde traumatische herinneringen, richten deze aangepaste protocollen zich op complexere patronen, zoals bij chronisch trauma of een laag zelfbeeld. Deze ontwikkeling onderstreept dat EMDR geen statische techniek is, maar een flexibele, evidence-based methodiek die zich voortdurend verfijnt.
Standaard EMDR-protocollen voor traumaverwerking
De kern van EMDR wordt gevormd door gestandaardiseerde protocollen die de therapeut stap voor stap volgt. Deze structuur zorgt voor veiligheid en effectiviteit tijdens de verwerking van traumatische herinneringen. Het standaard protocol voor traumaverwerking bestaat uit acht vaste fasen.
De eerste drie fasen zijn voorbereidend: anamnese en behandelingplanning, voorbereiding van de cliënt, en meting. Hierbij wordt de specifieke target (het doel van de behandeling) geïdentificeerd. De therapeut helpt de cliënt om het storende beeld, de negatieve cognities (NC), de gewenste positieve cognities (PC), de huidige emoties en lichamelijke sensaties nauwkeurig te benoemen. Ook wordt de Subjective Units of Disturbance (SUD) en de Validity of Cognition (VoC) gemeten.
De vierde fase is de desensitisatie. Hier wordt de target actief verwerkt met bilaterale stimulatie (BLS), zoals oogbewegingen of tikjes. De cliënt volgt de instructies terwijl het beeld en de negatieve gedachte vastgehouden worden. De therapeut onderbreekt regelmatig om te vragen wat er naar boven komt, waarna de BLS opnieuw wordt ingezet. Dit proces gaat door tot de SUD aanzienlijk is gedaald, meestal naar nul of een zeer laag niveau.
Vervolgens volgt fase vijf: installatie. Hier wordt de eerder geformuleerde positieve cognitie (PC) gekoppeld aan de oorspronkelijke herinnering en opnieuw met BLS versterkt. Het doel is dat de cliënt deze positieve overtuiging steeds meer als waar gaat ervaren, wat wordt gecontroleerd met de VoC-schaal.
De zesde fase is de body scan. De cliënt denkt aan de oorspronkelijke gebeurtenis en de positieve cognitie, en scant mentaal het hele lichaam af. Eventuele resterende spanning of lichaamsensaties worden opgemerkt en verder verwerkt met BLS tot ook deze verdwijnen.
Fase zeven is de afsluiting. Elke sessie moet in een stabiele toestand eindigen, ook als de verwerking niet volledig is afgerond. De therapeut brengt de cliënt terug naar het hier en nu en informeert over mogelijke nawerking tussen sessies, zoals dromen of emoties. Het houden van een logboek kan hierbij helpen.
De laatste fase, her-evaluatie, vindt plaats aan het begin van de volgende sessie. De therapeut evalueert de voortgang, checkt de effecten van de vorige verwerking en bepaalt welk target als volgende aan bod komt. Dit gestandaardiseerde acht-fasen-protocol vormt de blauwdruk voor veilige en effectieve traumabehandeling met EMDR.
Varianten voor complexe klachten en specifieke doelgroepen
Standaard EMDR is zeer effectief voor enkelvoudig trauma, maar voor complexere problematiek of specifieke doelgroepen zijn gespecialiseerde varianten ontwikkeld. Deze protocollen houden rekening met de aard van de klachten en de behoeften van de cliënt.
Voor complexe traumatisering of persoonlijkheidsproblematiek wordt vaak het Fasegerichte Traumamodel geïntegreerd met EMDR. Binnen dit model wordt EMDR ingezet in de stabilisatiefase (bijvoorbeeld met het Veilige Plek-protocol) en pas later in de traumabehandeling zelf. De EMDR 2.0 methode biedt hierbij extra hulpmiddelen door gebruik te maken van meerdere zintuigen (zoals geur of aanraking) om dissociatie te verminderen en de verwerking te vergemakkelijken.
Bij kinderen en jongeren zijn de technieken aangepast aan de ontwikkelingsleeftijd. Dit kan betekenen dat er meer gebruik wordt gemaakt van spel, tekeningen of verhalen. Het Verhaal-EMDR-protocol is een voorbeeld waarbij het trauma in een metaforisch verhaal wordt verpakt, wat de afstand en veiligheid voor het kind vergroot.
Voor cliënten met een verstandelijke beperking of ernstige communicatieve problemen is EMDR bij mensen met een verstandelijke beperking (EMDR-EVB) ontwikkeld. Deze aanpak is concreter, maakt meer gebruik van visualisatie en non-verbale signalen, en het tempo wordt sterk aangepast.
Ook bij verslaving en chronische pijn bestaan gespecialiseerde toepassingen. Hierbij richt de behandeling zich niet op een enkel herinneringsbeeld, maar op de craving (zin in middel) of de sensorische en emotionele componenten van de pijn. Het doel is de lading en urgentie van deze gevoelens te verminderen.
Een andere belangrijke variant is EMDR bij aanhoudende rouw. Dit protocol helpt niet alleen bij de verwerking van de omstandigheden van het verlies, maar ook bij het hervatten van de (geblokkeerde) rouw en het toegankelijk maken van positieve herinneringen aan de overledene.
Veelgestelde vragen:
Wat is het verschil tussen 'standaard' EMDR en EMDR bij complexe trauma's?
De bekendste vorm is de standaard EMDR-protocol, ontwikkeld voor eenmalige, duidelijk afgebakende traumatische gebeurtenissen. Dit volgt een vast stappenplan: voorbereiding, het oproepen van het herinneringsbeeld met bijbehorende negatieve gedachte, lichaamsbewustzijn en emoties, gevolgd door de bilaterale stimulatie (meestal oogbewegingen). Bij complexe trauma's of persoonlijkheidsproblematiek is deze aanpak vaak niet direct geschikt. Daarom zijn er aangepaste fasengerichte protocollen, zoals die voor de behandeling van persoonlijkheidsproblematiek. Hierin wordt veel meer tijd besteed aan de voorbereidingsfase (stabilisatie), het werken met 'cognitieve interweaves' (het actief inbrengen van helpende gedachten tijdens de verwerking) en het zorgvuldig selecteren van herinneringen in een bepaalde volgorde. De behandeling verloopt hierdoor vaak trager en is meer gefaseerd.
Ik heb gehoord over EMDR met geluiden of tikjes. Werkt dat net zo goed als de lichtbalk?
Ja, bilaterale stimulatie via geluid of tast is een volwaardig alternatief voor de visuele methode. In plaats van een bewegende lichtbalk volgen met de ogen, krijgt de cliënt dan afwisselend geluidjes via een koptelefoon of lichte tikjes op de handen. De keuze hangt vaak af van persoonlijke voorkeur of praktische omstandigheden. Sommige mensen vinden oogbewegingen vermoeiend; voor hen kan auditieve of tactiele stimulatie prettiger zijn. Anderen hebben juist moeite om zich te concentreren bij geluid. De werkzaamheid van deze verschillende vormen van bilaterale stimulatie wordt in onderzoeken als vergelijkbaar beschouwd. De therapeut kan helpen de meest geschikte vorm te vinden.
Bestaat er ook EMDR voor kinderen? Hoe ziet dat eruit?
Zeker. EMDR is goed aan te passen voor kinderen. De basisprincipes blijven hetzelfde, maar de uitvoering verschilt. Therapeuten gebruiken meer spel, tekeningen en creatieve middelen om het trauma te benaderen. Een kind kan bijvoorbeeld het nare beeld tekenen in plaats van het alleen te beschrijven. Voor de bilaterale stimulatie worden vaak speelse methoden gebruikt, zoals het laten volgen van de handen van de therapeut met 'tovervingers', of tikjes geven op de knieën of handen. Het protocol is flexibeler en volgt het tempo van het kind. Ouders worden actief betrokken bij de voorbereiding en nazorg. Deze aangepaste aanpak maakt EMDR een veelgebruikte en geschikte methode voor kinderen met nare ervaringen.
Kan EMDR ook gebruikt worden voor problemen die niet door een trauma komen, zoals angst of een laag zelfbeeld?
Ja, de toepassing van EMDR is uitgebreid naar andere klachten. Dit wordt vaak gedaan met behulp van het 'EMDR bij aanhoudende persoonlijke kenmerken'-protocol. De gedachte is dat negatieve overtuigingen over jezelf ("Ik ben waardeloos") vaak zijn ontstaan door een reeks van minder goede ervaringen in het verleden, zoals herhaaldelijk gepest worden. De behandeling richt zich dan niet op één grote gebeurtenis, maar op een reeks van herinneringen die deze overtuiging hebben gevormd en versterkt. Door deze herinneringen één voor één te verwerken, kan de lading van de negatieve kernovertuiging afnemen. Het is een gespecialiseerde toepassing die training vraagt van de therapeut.
Vergelijkbare artikelen
- Welke 3 soorten faalangst zijn er
- Welke 3 soorten eenzaamheid zijn er
- Welke soorten stigma zijn er
- Welke soorten copingmechanismen zijn er
- Welke 7 soorten technische tekeningen zijn er
- Welke 3 soorten gezondheid zijn er
- Welke 3 soorten vragen zijn er
- Welke soorten relatietherapie zijn er
Recente artikelen
- Moeite met intimiteit en het Verlating-schema
- Vrijwilligerswerk doen vanuit je Gezonde Volwassene
- Overmatige zorgzaamheid en het Zelfopoffering-schema
- Werken met het volwassen heden bij herbelevingen
- Hoe reageren op respectloos gedrag
- Kunnen neurodivergente mensen verpleegkundigen zijn
- Wat is een ongezonde vriendschap
- Wat houdt traumagerichte zorg voor zorgprofessionals in

