Welke vragen worden er gesteld tijdens EMDR
Welke vragen worden er gesteld tijdens EMDR?
Eye Movement Desensitization and Reprocessing (EMDR) is een krachtige, evidence-based therapie om traumatische herinneringen en andere emotioneel belastende ervaringen te verwerken. Voor veel mensen die met deze behandeling starten, blijft het proces enigszins ongrijpbaar. Een van de meest gestelde vragen is dan ook: "Wat ga ik eigenlijk zeggen, en wat zal de therapeut aan mij vragen?" Het is begrijpelijk dat men zich hierop wil voorbereiden, want het raakt aan de kern van een kwetsbaar en belangrijk therapietraject.
De vragen tijdens EMDR zijn geen willekeurige vragen, maar volgen een zorgvuldig opgebouwd protocol. Ze zijn erop gericht om de specifieke herinnering te targeten, de bijbehorende negatieve overtuigingen en lichamelijke sensaties bloot te leggen, en vervolgens de verwerking nauwlettend te volgen. Het doel is niet om uitgebreid over het trauma te praten, maar om het actief te verwerken terwijl je brein wordt gestimuleerd door afleidende stimuli, zoals zijwaartse oogbewegingen of tikjes.
De sessies zijn gestructureerd rond een aantal vaste fasen. Eerst worden er vragen gesteld om het probleem in kaart te brengen en een veilige basis te creëren. Vervolgens richt de therapeut zich met gerichte vragen op de concrete herinnering zelf: het beeld, de gedachte, het gevoel en de lichamelijke spanning die daarbij horen. Tijdens de verwerkingsfasen zijn de vragen juist kort en neutraal, bedoeld om het natuurlijke proces zijn gang te laten gaan. Tot slot helpen vragen om de nieuw gevormde inzichten en gevoelens te installeren en te verankeren.
In de volgende paragrafen wordt een duidelijk overzicht gegeven van de typische vragen die je kunt verwachten in elke fase van een EMDR-sessie. Dit inzicht kan helpen om de drempel naar deze effectieve behandeling te verlagen en realistisch voorbereid te beginnen.
Vragen om het doel en de herinnering te verkennen
Voordat de daadwerkelijke bilaterale stimulatie begint, is een zorgvuldige voorbereidingsfase cruciaal. De therapeut stelt gerichte vragen om het probleem, het gewenste toekomstbeeld en de bijbehorende herinnering helder in kaart te brengen.
Allereerst wordt het huidige probleem en het therapiedoel verkend. Vragen richten zich op wat de cliënt nu belemmert en hoe hij of zij zich in de toekomst zou willen voelen. Voorbeelden zijn: "Welk probleem of welk symptoom brengt je hier?" en "Hoe zou je je willen voelen of gedragen in plaats van zoals het nu is?"
Vervolgens wordt gezocht naar de oorspronkelijke, beladen herinnering die aan de klacht ten grondslag ligt. De therapeut vraagt: "Wanneer heb je dit voor het eerst zo sterk gevoeld?" of "Is er een vroegste, een ergste of een meest representatieve herinnering die met dit gevoel verbonden is?"
Om de herinnering concreet en werkbaar te maken, wordt deze gespecificeerd. Belangrijke vragen zijn: "Welk beeld of welk moment uit die gebeurtenis staat het meest centraal?" en "Welke negatieve gedachte over jezelf hoort bij dit beeld?"
Tegelijkertijd wordt het gewenste positieve zelfbeeld geformuleerd: "Wat zou je liever over jezelf willen geloven?" Dit moet een realistisch en haalbaar statement zijn.
Ten slotte wordt de actuele lading van de herinnering gemeten. De therapeut vraagt: "Hoe vervelend is dit beeld nu, op een schaal van 0 tot 10?" en "Welke emoties en lichamelijke sensaties roept het op?" Deze meting vormt het startpunt voor de verwerking.
Vragen tijdens de bilaterale stimulatie en nabespreking
De fase van bilaterale stimulatie (BLS) is het kernproces van EMDR. Hierbij volgt de cliënt de vingers van de therapeut, luistert naar afwisselende geluidstonen of voelt tappjes op de handen. Tijdens deze sets stelt de therapeut meestal geen vragen, maar moedigt hij aan om te observeren wat er spontaan opkomt. De instructie is vaak: "Laat maar komen wat er komt" of "Let gewoon op wat er in je opkomt".
Na elke set BLS volgt een korte nabespreking. De therapeut vraagt dan specifiek naar de interne ervaring van de cliënt. De eerste en belangrijkste vraag is altijd: "Wat komt er bij je op?" of "Wat merk je nu?". Het doel is om de spontane associaties te volgen zonder sturing. De cliënt kan alles melden: een nieuw beeld, een emotie, een lichamelijke sensatie, een gedachte of een herinnering.
Afhankelijk van het gerapporteerde materiaal, kan de therapeut vervolgvragen stellen om het proces te verdiepen. Voorbeelden zijn: "Waar voel je dat in je lichaam?", "Welke emotie hoort daarbij?" of "Wat maakt dat het meest belastend?". Als de spanning toeneemt, kan de vraag zijn: "Concentreer je daarop tijdens de volgende set."
Wanneer de spanning afneemt, verschuiven de vragen naar de integratie van een nieuw perspectief. De therapeut kan vragen: "Wat past er beter bij nu?" of "Welke gedachte voelt nu waarer?". Deze vragen helpen om de geleerde adaptieve informatie te verankeren.
Tijdens de eindnabespreking, na de laatste set, evalueert de therapeut het gehele proces. Vragen zijn dan: "Hoe voelt de oorspronkelijke herinnering nu aan?", "Hoe scoren de spanning en de geloofwaardigheid van de positieve cognitie nu op de schaal van 0 tot 10?" en "Wat heb je van deze sessie meegenomen?". Deze vragen zorgen voor afronding en consolidatie van de behaalde resultaten.
Veelgestelde vragen:
Wat voor soort vragen kan ik verwachten tijdens de voorbereidingsfase, voordat de eigenlijke EMDR-sessie begint?
De therapeut zal eerst uitgebreid met je praten over het probleem. Hij of zij vraagt naar de gebeurtenis zelf: wat er precies gebeurde, welke beelden, gedachten en gevoelens daarbij horen. Ook wordt gevraagd naar lichamelijke reacties die je misschien had of nog hebt. Daarna stelt de therapeut vragen om een beginpunt voor de behandeling te vinden. Een veelgebruikte vraag is: "Welk beeld of welke herinnering staat voor jou het meest centraal bij deze gebeurtenis?" Vervolgens vraag de therapeut: "Welke negatieve gedachte over jezelf hoort bij dit beeld?" – bijvoorbeeld "Ik ben niet veilig" of "Ik heb gefaald". Ook wordt de tegenhanger besproken: "Welke positieve gedachte zou je in de plaats willen hebben?" zoals "Ik kan het aan" of "Het is nu voorbij". Tot slot wordt met een cijfer (van 0 tot 10) ingeschat hoe sterk je de negatieve gedachte nu gelooft en hoe verontrustend de herinnering is. Deze vragen zijn nodig om de behandeling goed af te stemmen.
Hoe gaat het verder tijdens de sessie zelf? Zijn de vragen dan anders?
Ja, tijdens de verwerkingsfase zijn de vragen korter en gerichter. Nadat je aan het vervelende beeld denkt en de bilaterale stimulatie (bijvoorbeeld oogbewegingen) volgt, vraagt de therapeut regelmatig: "Wat komt er nu bij je op?" Je mag dan zeggen wat je voelt, ziet, denkt of in je lichaam merkt, zonder dat het mooi of logisch hoeft te zijn. Soms vraagt de therapeut: "Waar voel je dat in je lichaam?" of "Op welke plek in de herinnering ben je nu?" De therapeut volgt wat jij aangeeft en vraagt dan vaak: "Blijf daar bij" of "Ga daar mee verder." Na een set stimulaties kan hij of zij vragen: "Hoe sterk is de spanning nu?" om te zien of deze afneemt. Als de verontrusting laag is, wordt de eerder besproken positieve gedachte erbij gehaald: "Denk nu aan de gebeurtenis en zeg tegen jezelf 'Ik ben veilig'. Hoe voelt dat?" Deze afwisseling van korte instructies en vragen helpt het verwerkingsproces.
Vergelijkbare artikelen
- Welke gevoelens tijdens EMDR
- Welke hechtingsstijlen worden er in relatietherapie gebruikt
- Kan depressie met een bloedonderzoek worden vastgesteld
- Welke beeldtechnieken worden gebruikt in schematherapie
- Welke 3 soorten vragen zijn er
- Welke twee typen traumas worden er onderscheiden
- Welke stoornissen worden gedeeld door ADHD en verslaving
- Welke psychische klachten worden vergoed
Recente artikelen
- Moeite met intimiteit en het Verlating-schema
- Vrijwilligerswerk doen vanuit je Gezonde Volwassene
- Overmatige zorgzaamheid en het Zelfopoffering-schema
- Werken met het volwassen heden bij herbelevingen
- Hoe reageren op respectloos gedrag
- Kunnen neurodivergente mensen verpleegkundigen zijn
- Wat is een ongezonde vriendschap
- Wat houdt traumagerichte zorg voor zorgprofessionals in

